Lettergrootte: plus / min
  Home    SJG Weert    Profiel    Geschiedenis

Geschiedenis 

In 2009 was het 140 jaar geleden dat het St. Jans Gasthuis is ontstaan. Op het historische moment van de oprichting werd een particulier initiatief tot uitvoering gebracht en richtte zich op de zorg voor de behoeftige medemens. Die uiting van naastenliefde is belangrijk geweest voor de ontwikkeling van de gezondheidszorg in deze regio. Na 1869 hebben wetenschappelijke en technische ontwikkelingen, ondersteund door algemene maatschappelijke veranderingen, geleid tot een professionele benadering van de zorg voor patiënten en bewoners.

In het begin van de oprichting van het ziekenhuis was de bevolking vrij armoedig. Toch waren er beter gesitueerden die hun gelden of goederen vermaakten aan de kerk. In 1868 kwam een transactie tot stand waardoor een pand in de Beekstraat in gebruik werd genomen en waar vanaf 1869 3 Liefdeszusters vanuit Tilburg zijn begonnen met het opnemen van 3 zieken.

Het zou nog verschillende jaren duren voordat de ziekenverpleging zijn intrede deed. Dat kwam door een gebrek aan geschoold personeel en deskundigheid bij de toenmalig heel- en vroedmeesters van het platteland. Immers de meeste geneeskundigen hadden nog geen academische opleiding. Pas aan het einde van de 19e eeuw kwam hierin verandering. 

Liefdeshuis Beekstraat
In 1870 schonk Jan Meijers zijn hele vermogen om een 'Roomsch Katholyk Wees- armen- en ziekenhuis' te bouwen onder de benaming van Sint Jans Hospitaal of Sint Jans Gasthuis. De schenking vond plaats op de feestdag van Johannes de Doper op 24 juni.
Er volgden tal van andere schenkingen en legaten en ook de gemeente en pensiongasten leverden een bijdrage. Vervolgens werden acht zalen bijgebouwd voor zieke mannen en vrouwen, voor ouden van dagen en weeskinderen.

Bouw ziekenhuis Boerhaavestraat 1929 – 1931
Door de groei van de bevolking en de daaruit voortvloeiende behoefte aan meer ruimte voor de zieken, werd in 1929 begonnen met de bouw van een nieuw ziekenhuis op een terrein aan de Hofakkersteeg, de huidige Boerhaavestraat. Twee jaar later werd op 12 april 1931 de nieuwbouw ingezegend met een capaciteit van ongeveer 40 ziekenbedden en een relatief groot aantal pensionplaatsen.
Tot maart 1931 opereerde men één dag in de week. De chirurg dr. W.E. Jak werd benoemd tot directeur en nu kon er dagelijks worden geopereerd. In 1935 werd dr. Jak opgevolgd door geneesheer-directeur dr. A.J.M. Lohman (internist). Tegelijkertijd werd J.B. van de Sandt benoemd als chirurg waarmee de eerste aanzet tot vorming van een medische staf een feit werd. In dat jaar werd begonnen met de uitbouw naar het echte ziekenhuistype. Enkele buitenspecialisten gingen spreekuur houden, zoals een kinderarts, een keel- neus- en oorarts en een neuroloog. Ook werden in 1935-1936 de eerste vier leken aangenomen die een opleiding voor het A-diploma gingen volgen. Het eerste röntgenapparaat werd geïnstalleerd, men bouwde een kinderafdeling en een barak voor lijders aan besmettelijke ziekten.

Oorlogsjaren
In de nacht van 9 op 10 mei 1940 brak de oorlog uit in Weert. Het was de bedoeling dat de zieken en bewoners van het ziekenhuis naar Delft werden geëvacueerd maar omdat de bruggen waren opgeblazen ging dit niet door. Weert lag vanwege de aanwezigheid van het kanaal en de kazematten in de gevaren- en gevechtszone.
Later besloot men de kinderen met kleine schuitjes over de Zuid-Willemsvaart te brengen richting Eindhoven. De overige zieken werden in dekens gewikkeld totdat zij aan de beurt waren voor hun vervoer naar de school in Tungelroy.
Na de capitulatie van Nederland, ongeveer een week later, werd het leven in het ziekenhuis weer hervat en verhuisden alle patiënten weer terug naar de zalen. Er werkten circa 20 religieuzen en 12 verpleegkundigen.

Alhoewel in 1940 een aanvang werd genomen voor de bouw van poliklinieken, klasse- en kinderafdeling, gaf de oorlog toch een terugslag op alle plannen. Pas na 1944 werden deze afdelingen in gebruik genomen.
Hierna maakte het ziekenhuis onder leiding van de beide directeuren dr. Lohman en drs. Linders een stormachtige ontwikkeling door, waardoor het tot een goed geoutilleerd ziekenhuis van 330 bedden uitgroeide.

1947 - 1961
In de jaren na de oorlog veranderde er veel in het ziekenhuis:

1949    De eerste klasse-afdeling werd in gebruik genomen
1950  Men voerde een aantal 'nieuwigheden' in zoals radio, een tweedehands wasmachine, 
  nieuwe markiezen, ijskasten en een ziekenauto
1957 De eerste spade voor de bouw van het nieuwe verpleegsterhuis ging op 1 maart de
  grond in. Het was de bedoeling er 100 verpleegsters te huisvesten
1958 De inzegening van het verpleegsterhuis vond plaats op 2 juni en op 23 mei 1959 werd
  gestart met de opleiding van een tiental verpleegsters
1959 De neurologische en psychiatrische afdelingen werden geopend
1959 De operatiekamer werd verbouwd
1961 Er werd gestart met de bouw van het centrale ketelhuis en de technische dienst

De jaren 1962 – 1980
Ook in de jaren 60 werd gebouwd en verbouwd. Er kwam een E.E.G.-afdeling, een nieuwe keuken 'met een lopende bandsysteem', een restaurant voor het personeel, de recovery en een nieuwe Eerste Hulp afdeling. De bouw voor een nieuw beddenhuis was al in volle gang.
In de loop der jaren kreeg Weert een bejaardentehuis, waar de in het ziekenhuis inwonende bejaarden zich konden vestigen. Hiermee kwam een van de oorspronkelijke 'liefdeswerken' te vervallen.
Vanaf 1971 gingen de zusters buitenshuis wonen en werd een stukje geschiedenis afgesloten.
Tot de jaren 80 hebben nog verschillende zusters min of meer vrijwilligerswerk gedaan.

Toen in januari 1970 dokter Jan van Dael als directeur geneesheer het St. Jans Gasthuis binnenkwam trof hij een oud ziekenhuis aan. Het ziekenhuis telde 330 bedden en circa 15 medisch specialisten.
In de periode van van Dael ging het ziekenhuis zowel in kwaliteit als kwantiteit vooruit. Bij zijn pensionering in 1982 was de medische staf gegroeid tot ruim 40 specialisten c.q. stafleden met een ondersteunende functie.

Vogelsbleek 5
In 1974 werd het nieuwe beddenhuis in gebruik genomen en veranderde het adres van Boerhaavestraat in Vogelsbleek. De moderne behuizing bood aanzienlijk ruimere kamers voor de patiënten en meer parkeergelegenheid voor bezoekers. Alle patiënten werden in één dag naar hun nieuwe afdelingen overgebracht. Hierna volgde in verschillende fasen de verhuizing van de poliklinieken, het laboratorium en de overige afdelingen
In 1987 werd op het dak van de kinderafdeling een helihaven ingericht. Door deze voorziening konden patiënten en te vroeg geboren baby's, die zeer specialistische behandeling en verzorging nodig hadden, per helikopter snel naar andere (academische) ziekenhuizen vervoerd worden.

Aan het eind van de jaren 80 kregen alle kamers een kleurentelevisie en in 1990 ook een telefoonaansluiting.
In 1991 deed de computertomografie zijn intrede in het ziekenhuis en de CT-scanner werd geïnstalleerd. Ook werd de telefooncentrale vervangen en dit bracht voor de onderlinge communicatie nieuwe mogelijkheden.
Een grote omwenteling werd eind 1993 op gang gebracht. Onder het motto 'het roer gaat om' werd de organisatiestructuur gewijzigd. De zorg voor de patiënt werd heel nadrukkelijk centraal gesteld.
Voor het ziekenhuis stond samenwerking en schaalvergroting in het teken van hoogwaardige medische specialistische zorg bieden aan de inwoners van het verzorgingsgebied.

De laatste jaren
Na een ingrijpende verbouwing in 1996 werd de eerste MRI in gebruik genomen. Ook kon de langverwachte vernieuwing van de angio-appartatuur worden gerealiseerd. 

Eind jaren 90 nam de werkdruk in de patiëntenzorg steeds verder toe. Met name de dalende ligduur en de daarmee samenhangende toename van intensiteit van zorg worden nog steeds dagelijks gevoeld door artsen en verpleegkundigen aan bed.
Rond de eeuwwisseling werd er ook gebouwd, er kwam een parkeergarage die een aanzienlijke bijdrage leverde aan het oplossen van het parkeerprobleem.
Er kwam ook een Multi Functionele Eenheid waarin het Vincent van Gogh Instituut, het Riagg en de PAAZ afdeling van het St. Jans Gasthuis werden ondergebracht.

In 2000 heeft het ziekenhuis nadrukkelijk gekozen voor behoud van zelfstandigheid. Om dit te kunnen realiseren werd een ziekenhuisbeleidsplan opgesteld waarin grootschalige samenwerking met andere zorginstellingen in de regio werd voorzien.

Forse bezuinigingen brachten onrust onder het personeel teweeg. Er moesten bezuinigingen doorgevoerd gaan worden op het terrein van personele formatie als ook in de uitgaven van de steeds hoger wordende materiële kosten.
De tijden bleven veranderlijk en onzeker door de ontvlechting van het Land van Horne en de Stichting de Nieuwenborgh maar ook door het niet doorgaan van de fusie met het Laurentius Ziekenhuis en de afgebroken onderhandelingen met Loek Winter.

Door middel van standaardisering en protocolleren van werkzaamheden leidde het proces naar accreditatie door het NIAZ. Dit zorgde voor grotere betrokkenheid en foutenkansvermindering. Deze accreditatie helpt de organisatie om het 'verder verbeteren' vorm te geven zodat we kunnen laten zien dat er doorlopend en systematisch wordt gewerkt aan een betere organisatie en kwaliteit van zorg.

Met de in gebruikname in 2009 van het nieuwe OK complex in een nieuw aangebouwde vleugel van het ziekenhuis en vernieuwing van poliklinieken, zijn we 140 jaar verder in de geschiedenis. Jaren waarin veel is veranderd. Door al deze veranderingen hebben we nog steeds bestaansrecht. We doen waar we goed in zijn: 'zorgen met elkaar voor elkaar'!